Afval Energie Bedrijf betaalt 350.000 euro voor bodemverontreiniging op eigen terrein

Het Afval Energie Bedrijf (AEB) uit Amsterdam heeft een door het Functioneel Parket aangeboden transactie in de vorm van een boete van 350.000,- euro geaccepteerd. Zij betalen de boete voor het in de bodem laten brengen van afvalstoffen zonder de nodige maatregelen te hebben genomen om milieuverontreiniging te voorkomen.

De bodemvervuiling op het bedrijfsterrein van AEB op industriegebied Westpoort is in maart 2014 door het inmiddels verzelfstandigde AEB zelf ontdekt toen zij een verplicht bodemonderzoek deed voor de aanvraag van een bouwvergunning. AEB heeft de verontreiniging zelf gemeld bij de provincie, waarna een strafrechtelijk onderzoek is gestart door de Milieurecherche Amsterdam, in samenwerking met de omgevingsdienst Noorzeekanaalgebied.

De bodemvervuiling is vermoedelijk ontstaan in de periode van 2002 tot 2009, zo blijkt uit het onderzoek. AEB was in die periode nog een gemeentelijke dienst. In 2014 is AEB een zelfstandig bedrijf geworden. De bodem op het terrein van AEB blijkt op een aantal plaatsen vervuild met AVI-bodemas, dat niet volgens de regels was toegepast.

AVI-Bodemas
Bij AEB wordt afval verbrand. Hierbij komt AVI-Bodemas vrij. Dit afval bevat een aantal milieuvervuilende stoffen, die door contact met (regen)water in de bodem of het grondwater verspreid kunnen worden.

AVI-Bodemas mag onder bepaalde voorwaarden in de grond gebracht worden. Zo moet het materiaal geïsoleerd worden en mag het niet in contact komen met grondwater of regenwater. Ook moet het geïsoleerd aangebrachte materiaal weer eenvoudig verwijderd kunnen worden en eventuele beschadigingen in de isolatielaag moeten snel hersteld kunnen worden. Gedurende de periode van opslag dient controle plaats te vinden op de genomen maatregelen, onder andere door monstername van het grondwater onder de toepassing. Vooraf dient het in de bodem brengen van AVI-bodemas gemeld te worden aan het bevoegd gezag, waarin de hoeveelheid, plaats en wijze van materiaalhergebruik wordt beschreven.

Uit het onderzoek blijkt dat de AVI-bodemas destijds niet volgens de regels is toegepast en dat ook de provincie, destijds het bevoegd gezag, niet op de hoogte is gesteld.

Passende afdoening
De geconstateerde overtredingen zijn ernstige feiten. De Wet bodembescherming is overtreden. Hierdoor is het milieu schade toegebracht.

Het OM ziet de betaling van 350.000 euro boete als een passende afdoening. In de zittingszaal zou een vergelijkbare strafeis zijn geformuleerd.

Wat heeft meegewogen bij het bepalen van de boete is dat AEB de kosten van de sanering van de vervuilde bodem betaalt. Die kosten worden geraamd op ongeveer 15 miljoen euro. De opgetreden verontreiniging van het grondwater wordt gemonitord en zal, nu de verontreinigde grond wordt gesaneerd, naar verwachting afnemen. De sanering vindt plaats onder toezicht van de omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied. AEB heeft maatregelen genomen waardoor soortgelijke strafbare feiten in de toekomst niet meer zullen plaatsvinden, zo is besloten dat geen AVI-bodemas meer toegepast zal worden op het terrein.

Vorig artikelPolitieman Amersfoort handelde rechtmatig
Volgend artikelSil Hoeve nieuwe CEO van STAR
Het OM is een landelijke organisatie verdeeld over tien arrondissementen. Deze zijn gelijk aan de tien regionale eenheden van de politie. Daarnaast richt het landelijk parket zich op de bestrijding van (internationaal) georganiseerde misdaad, en bestrijdt het functioneel parket criminaliteit op het gebied van milieu, economie en fraude. Op de tien arrondissementsparketten beoordelen officieren van justitie, ondersteund door administratieve en juridische specialisten, jaarlijks enkele honderdduizenden zaken. De zaken waarin hoger beroep wordt aangetekend komen bij een van de vier vestigingen van het ressortsparket. Daar heet de vertegenwoordiger van het OM 'advocaat-generaal'. De arrondissementsparketten worden geleid door hoofdofficieren van justitie en aan het hoofd van het ressortsparket staat de hoofdadvocaat-generaal. De landelijke leiding van het OM berust bij het College van procureurs-generaal (het College) in Den Haag. De minister van Veiligheid en Justitie is politiek verantwoordelijk voor het OM. Hij bepaalt samen met het College de prioriteiten in de opsporing en vervolging.